Stoere camper is in 2010 opgericht wordt gerund door Eric Los en Karen Paalman.

In het jaar 2003 wilden wij voor een wat langere tijd op reis gaan. Ons zoontje was nog klein, en we wilden gebruik maken van onze vrijheid voordat hij leerplichtig zou worden. We kochten een Mercedes 508D, onze eerste auto ooit! Een prachtige bus, een ex-ambulance van het Nederlands leger . Een half jaar lang hebben we geklust en getimmerd om de bus klaar te maken voor onze reis en begin 2004 konden we er eindelijk mee weg. Ruim een jaar reisden we met zijn drieën door Europa.

Campings en camperplaatsen vermijdend, kwamen we terecht op de lelijkste, maar ook op de allermooiste plekken. Bosnië, Bulgarije, Duitsland, Frankrijk, Griekenland, Italië, Kroatië, Servië, Spanje, Turkije. Het viel ons op dat hoe verder oostwaarts we gingen, hoe beter het werd. Heel veel mooie natuur en heerlijk veel ruimte om je eigen ding te doen. En ‘s avonds vonden we bijna altijd wel een fijne plek om te overnachten. Waar we een vuur konden maken, genieten van de natuur en de mensen. Een jaar lang hebben we zo ten volste gebruik gemaakt van onze vrijheid, ongehinderd door wetten, regels of verplichtingen.In tegenstelling tot wat veel mensen denken, ben je in praktisch elk Europees land vrij om je bus te parkeren, en op zijn minst 24 uur te blijven staan, tenzij plaatselijke verordeningen dit verbieden. Dit betekent dat je nagenoeg overal ongestoord met je bus kunt gaan staan om daar te overnachten. De 508D heeft een dermate ruige uitstraling dat een ongestoorde nachtrust op vrijwel elke plek gegarandeerd is.

In onze bus voelen wij ons altijd veilig, ook op de raarste plekken. Omdat het zo’n robuust ding is, met dubbele achterbanden, kun je ook onverharde wegen op, en steile hellingen nemen. Dat geeft je de mogelijkheid mooie en rustige plekjes op te zoeken.Serieuze motorische pech hebben we eigenlijk nooit gehad, in Turkije een keer een gebroken uitlaat die door een plaatselijke monteur voor 5,- euro weer in elkaar werd gelast. En zo nu en dan een lekke band. De motor is in principe onverwoestbaar. Als je regelmatig het water en oliepeil controleert kan er eigenlijk weinig mis gaan.In de daaropvolgende jaren zijn we, inmiddels met twee kinderen, nog veel op reis geweest. Twee maanden hebben we door Marokko getrokken. En ook Polen, Portugal, Engeland, Schotland en Zweden hebben we uitgebreid doorkruist.Maar toen werd vorig jaar onze bus gestolen! Voor de garage waar hij op zijn APK keuring stond te wachten. Erg verdrietig om de bus, waar we zo veel mee beleefd hadden, kwijt te zijn. Maar we besloten niet lang bij de pakken neer zitten, en weer snel een nieuw busprojekt op te starten. Zo is Stoere Camper ontstaan.Na al deze ervaringen zijn we er van overtuigd geraakt dat deze bussen perfect zijn om mee te reizen. Hopelijk kunnen ons enthousiasme op anderen overbrengen. Als betaalbaar, comfortabel en eigenzinnig alternatief voor wat door anderen aan campers wordt verhuurd.

In al de jaren dat we rond gereisd hebben zijn we nooit overvallen, beroofd, of weggestuurd door politie. Onze negatieve ervaringen zijn op 1 hand te tellen. Het zijn op zich grappige verhalen...

BOSNIË 2004

Een prachtig land, maar overal sporen van oud geweld. Mijnenvelden, kapotgeschoten boerderijen, verse begraafplaatsen. Het is al laat, Rody, ons zoontje, huilt. Wij zijn uitgeput. We moeten een plek vinden om te slapen. Eindelijk een enigszins veilig uitziende parkeerplaats aan de oever voor een brug, twee geparkeerde vrachtwagens. We parkeren er tussen in (verstoppen ons), en gaan slapen. Midden in de nacht worden we wakker, de twee vrachtwagens zijn weg. Naast ons staat een tot de tanden bewapend Italiaans VN konvooi met suizende antennes uit te rusten. De soldaten staan te roken. We hopen even dat ze naast ons blijven staan, ons niet alleen laten. Maar nee: na een half uurtje vertrekken ze. Er is geen dreiging maar we voelen ons vreselijk. Met de Maglite binnen handbereik slapen we onrustig nog een paar uurtjes. Met het eerste ochtendgloren vervolgen we onze weg.

TURKIJE 2004

We zijn net de grens tussen Bulgarije en het Europese deel van Turkije overgestoken. De Turkse kant van de Zwarte Zee lonkt, we rijden naar de kust. Het is onstuimig weer, en we moeten over kilometerslange onverharde zandweggetjes rijden voor we de kust bereiken. Daar blijkt niets te zijn. Een hoog duin met een pad naar het strand. Het is er zo stil dat we besluiten de bus op het duin te parkeren en daar te blijven slapen. Mooi plekkie denken we.

Midden in de nacht: ik word wakker van een blauw zwaailicht dat door de gordijnen heen dringt. Voorzichtig spiek ik door het raam. Balen! Een legerpatrouille van zeker 4 jeeps nadert ons.

Ik maak me ernstige zorgen over wat er zal gaan gebeuren.De colonne jeeps stopt naast ons. BOEM, BOEM, BOEM, een vuist op onze deur. Ik stap in mijn boxershort uit bed en open de deur van binnenuit. Daar staat een Turkse legerofficier, met achter hem de verblindende lichten van koplampen. Silhouetten van gewapende soldaten.

“Hello sir” stamel ik, “Is there a problem?”

De officier neemt zijn pet af en grijpt in zijn borstzak.“No sir, there is no problem” zegt hij, en hij vervolgt:“But if you should meet any problem, this is the telephone number of our army base” Hij overhandigt mij een papiertje met een telefoonnummer.

Ik weet niets anders te antwoorden dan: “Thank you very much sir”

De colonne verdwijnt met zwaailichten en al. Slapen lukt daarna even niet meer.